Rood

Eerst mijn brandweerhelm rechtzetten. In het dok ligt de Deense kustvaarder: hij had flinke averij opgelopen. Een tanker had zich bij Texel aan haar achterschip vergrepen. Een bemanningslid liet daarbij het leven terwijl hij in zijn kooi lag te slapen. De gebutste kapitein loopt in vol ornaat rondjes over het dek, stevig gearmd met zijn bepleisterde vrouw. Discreet kijk ik weg.

‘Hé brandwacht,’ roept de lasser die benedendeks staat. ‘Hier komen staan met je brandblusser. En niet meekijken studentje, anders krijg je wéér lasogen.’

Het verwrongen staal ziet er kil en meedogenloos uit. Voordat de lasser zijn beschermkap opzet schopt hij tegen iets zachts. Hij wijst met zijn voet en lacht vals. Uit de kluwen steekt een bloederig matras.

Scroll naar boven