De nummerbordenfetisjist

Naast het Spaanse hotel in aanbouw staat een ander hotel, vlak bij het strand. Het ziet er stoffig en kaal uit, niemand had de moeite genomen een boompje of een struik om het gebouw heen te zetten. Er is geen mens te zien en er staat één auto geparkeerd. De auto heeft de landcode van Venezuela (YV) en ik krijg het opgewonden gevoel van vroeger. Mijn slungelige zestienjarige ledematen vinden nergens echt rust, maar in mijn hoofd is het overzichtelijk, daar bewaar ik de nummerbordencodes en de landcodes.

Vanaf mijn achtste was ik er bezeten van. Ik ken al die codes uit mijn hoofd, inclusief die van de Engelse Kanaaleilanden. Zo weet ik dat GBG de landcode is voor Guernsey, voor Gibraltar is dat GBZ (Great Britain-Zone). Vaak staan de stedencodes op de nummerborden, het is fijn ze te ontcijferen, vergelijkbaar met het achterelkaar opeten van een hele mars, en net zo makkelijk.

Ik zie mezelf weer staan langs de Dordrechtse brug over de Oude Maas, door Dordrechters de Zwijndrechtse brug genoemd, de verbindingsroute tussen de Randstad en het zuiden. Het verkeer reed langzaam, de rijbanen waren tamelijk smal. Zittend op de bagagedrager van mijn fiets, in een nonchalante houding met mijn ene been op de trapper en met het andere op een paaltje, hield ik de nummerborden in de gaten. Het viel niet op, omdat dorpse mensen wel vaker zonder reden naar dingen of mensen keken. Ik hield de codes bij van passerende auto’s en noteerde ze in een schrift, tot ik na een jaar bijna alle Europese landen had, behalve het Oostblok, dat zat potdicht. En ideaal voor toekomstige precisiebombardementen van de geallieerden: van Duitse nummerborden kon ik aflezen uit welke of regio ze kwamen. Niemand begreep wat daar nu zo interessant aan was. Maar mijn vader, die zelf een verzamelaar was van alles wat met tabak te maken had, zorgde voor boeken waarin de codes stonden. Ik leerde ze allemaal uit mijn hoofd.

Ik zag eens een auto over de brug rijden met het kenteken WAN. Die code kon ik nergens vinden en dat heeft nog jaren aan me geknaagd, tot ik erachter kwam dat het om Nigeria ging. Een kwelling was ook die televisiereportage uit Afrika, waarin terloops een Jeep voorbijreed met de landcode KAT achterop. Nergens iets te vinden over die code, nachten lag ik ervan wakker. Tot ik in de krant las dat de Congolese provincie Katanga zich tot onafhankelijke staat had uitgeroepen.

Maar een auto uit Venezuela had ik nog nooit gezien. Ik had kunnen denken dat het erg omslachtig is om zo’n auto naar Spanje te verschepen, maar ik ben er te moe voor. Het portier van de auto gaat gewoon open. Het is klaarlichte dag, wat kan het me schelen, ik strek me uit op de achterbank en val meteen in slaap. Als ik wakker word is het al donker. Ik ben stomverbaasd dat de Venezolaan niet heeft gemerkt dat ik urenlang in zijn auto lag te slapen. Of ik ben onzichtbaar, of hij zit de hele dag in zijn eentje in dat kale hotel aan Caracas te denken.

Scroll naar boven